Nederlandse reisbureauregeling niet in lijn met Europese regels

3 oktober 2013

Samenvatting

Het Hof van Justitie heeft op 26 september 2013 geoordeeld dat binnen de reisbureauregeling geen ruimte is voor een globalisatieregeling. De globalisatieregeling houdt in dat de verschuldigde btw berekend kan worden per tijdvak in plaats van per reis. In Nederland kennen we in de wet ook een globalisatieregeling voor reisdiensten. Het valt niet uit te sluiten dat de globalisatieregeling voor deze branche in Nederland op termijn zal moeten verdwijnen. Voor mogelijke andere gevolgen voor de Nederlandse reisbureauregeling verwijzen we naar het volledige bericht.

Volledig artikel

Op 26 september 2013 is een arrest verschenen van het Hof van Justitie van de Europese Unie (hierna: Hof van Justitie) over de btw-reisbureauregeling. Het betreft een uitspraak in één van de acht inbreukprocedures van de Europese Commissie over implementatie van de reisbureauregeling in onder andere Spanje. In de zaak tegen Spanje komt het Hof van Justitie tot vier conclusies, waarvan twee conclusies zeker van belang zijn voor de Nederlandse praktijk. In dit nieuwsbericht gaan wij in op de mogelijke gevolgen voor de Nederlandse praktijk.

Het einde van de globalisatieregeling?
Het Hof van Justitie oordeelt in deze inbreukprocedure dat binnen de reisbureauregeling geen ruimte is voor een globalisatieregeling. De globalisatieregeling houdt in dat de verschuldigde btw berekend kan worden per tijdvak in plaats van per reis. Spanje zal zijn wetgeving naar aanleiding van deze uitspraak moeten aanpassen, waardoor Spaanse touroperators voortaan per reisdienst hun marge moeten berekenen.
 
In Nederland kennen we in de wet ook een globalisatieregeling voor reisdiensten. Aangezien de mogelijkheid van een toepassing van de globalisatieregeling bij reisdiensten niet in de Europese regelgeving is vastgelegd, heeft Nederland in het verleden een verzoek bij de Europese Commissie ingediend om de globalisatieregeling te mogen (blijven) toepassen.
Voor zover ons bekend, heeft de Europese Commissie nog geen beslissing genomen over dit verzoek. Gelet op het arrest verwachten wij dat de Europese Commissie niet positief zal reageren op het verzoek. Het valt dan ook niet uit te sluiten dat de globalisatieregeling voor deze branche in Nederland op termijn zal moeten verdwijnen.
 
Ruimere toepassing reisbureauregeling
Waar de Nederlandse wettekst (en wetsgeschiedenis) stelt dat de werking van de reisbureauregeling beperkt is tot handelingen richting een reiziger (eindgebruiker), komt het Hof van Justitie nu tot de conclusie dat de reisbureauregeling ook van toepassing is als een reisdienst wordt verricht voor niet-reizigers. Deze ‘klantbenadering’ is breder dan de ‘reizigersbenadering’.
 
Een gevolg van deze uitspraak is dat ook op de (door)levering van pakketreizen aan ondernemers die als tussenpersoon acteren en daarbij de reis op eigen naam doorverkopen, de reisbureauregeling van toepassing is.
 
Impact op de btw-positie
Deze uitspraak kan gevolgen hebben voor uw btw-positie. Zo zal de inrichting van uw administratie mogelijk moeten worden aangepast, zal uw cashflowpositie wijzigen en zal de btw-aangifte er anders uit gaan zien.
 
Heeft u als touroperator te maken met ondernemers als afnemer van uw reizen, of maakt u momenteel gebruik van de globalisatieregeling, dan kunt u contact op nemen met één van in de flyer genoemde contactpersonen.
 
Bron: Hof van Justitie, 26-9-2013, nr. C-189/11.