Samenvatting
De staatssecretaris van Financiën heeft zaterdag 5 december 2009 een brief aan de Tweede Kamer gestuurd over de stand van zaken met betrekking tot de verdeling van de vennootschapsbelastingdruk en de renteproblematiek. Deze brief is het vervolg op het zogenoemde ‘Consultatiedocument Vpb 2010’ dat de staatssecretaris op 14 juni 2009 heeft gepubliceerd. In zijn brief omarmt de staatssecretaris slechts één van de in het consultatiedocument aangekondigde maatregelen. Hij is voornemens om in een wetsvoorstel een regeling op te nemen waarbij de renteaftrek wordt beperkt indien de overname van een Nederlandse vennootschap bovenmatig met vreemd vermogen wordt gefinancierd en deze vennootschap gaat behoren tot een fiscale eenheid met de overnemende vennootschap (overnameholding). Wel zal rekening worden gehouden met reële financieringsverhoudingen en het zogenoemde ‘goodwillgat’. Ten tweede overweegt de staatssecretaris om in het wetsvoorstel op te nemen dat verliezen van buitenlandse filialen (vaste inrichtingen) niet tot de Nederlandse belastinggrondslag zullen behoren. Uit de brief lijkt te volgen dat de staatssecretaris vooralsnog afziet van een verplichte groepsrentebox, evenals van de aftrekbeperking voor deelnemingsrente en de ‘earnings stripping’-regeling, zoals die in het consultatiedocument waren opgenomen. Het wetsvoorstel zal vermoedelijk in het voorjaar van 2010 worden aangeboden aan de Tweede Kamer.
Volledig artikelDe staatssecretaris van Financiën heeft zaterdag 5 december 2009 een brief aan de Tweede Kamer verstuurd over de stand van zaken met betrekking tot de verdeling van de vennootschapsbelastingdruk en de renteproblematiek. Deze brief is een vervolg op het zogenoemde ‘Consultatiedocument Vpb 2010’ dat de staatssecretaris op 14 juni 2009 heeft gepubliceerd. Vanuit het bedrijfsleven en andere partijen zijn er diverse reacties op het consultatiedocument gekomen. Naar aanleiding daarvan heeft het ministerie van Financiën besloten om de versoepeling van het regime voor de deelnemingsvrijstelling alvast in een wetsvoorstel op te nemen dat met Prinsjesdag is bekendgemaakt (wetsvoorstel Overige fiscale maatregelen 2010. Dit wetsvoorstel is inmiddels goedgekeurd door de Tweede Kamer en ligt nu ter behandeling bij de Eerste Kamer. Voor de fiscale behandeling van de renteproblematiek had de staatssecretaris meer tijd nodig.
Overnameholdings
De staatssecretaris omarmt in zijn brief van afgelopen zaterdag slechts één van de maatregelen die in het consultatiedocument waren aangekondigd. Hij zal in het wetsvoorstel een regeling opnemen waarbij de renteaftrek wordt beperkt ten aanzien van overnameholdings die met groeps- of bankleningen een vennootschap overnemen en vervolgens een fiscale eenheid vormen met de overgenomen vennootschap. De rentelasten die verband houden met de overname, komen dan in mindering op de fiscale winst van de overgenomen vennootschap. De renteopbrengsten worden in zo’n situatie vaak gerealiseerd in landen met een laag belastingtarief. De staatssecretaris wil dergelijke praktijken voorkomen door de aftrek van rente alleen toe te staan voor zover de overnameholding ‘eigen winst’ heeft. De maatregel geldt alleen wanneer de overname bovenmatig met vreemd vermogen wordt gefinancierd, dat wil zeggen dat de verhouding tussen eigen en vreemd vermogen een bepaalde verhouding te boven gaat. De staatssecretaris geeft in zijn brief wel aan reële financieringsverhoudingen te zullen ontzien en rekening te willen houden met het zogenoemde ‘goodwillgat’. Het goodwillgat houdt in dat het eigen vermogen van de overnameholding na het aangaan van een fiscale eenheid met de overgenomen vennootschap afneemt of zelfs negatief wordt, omdat in de fiscale consolidatie de stille reserves van de overgenomen vennootschap wegvallen.
Buitenlandse vaste inrichting
Een nieuwe maatregel die de staatssecretaris overweegt in het wetsvoorstel op te nemen, laat de verliezen van buitenlandse filialen (vaste inrichtingen) buiten de Nederlandse belastinggrondslag. De maatregel zou leiden tot een meer gelijke behandeling op dit punt tussen vaste inrichtingen en deelnemingen. Momenteel is voor de voorkoming van dubbele belasting met betrekking tot winsten van buitenlandse vaste inrichtingen vereist dat deze winsten zijn onderworpen aan een belasting naar de winst. Als de nieuwe maatregel voor verliezen van buitenlandse filialen wordt ingevoerd, kan deze onderworpenheidseis volgens de staatssecretaris komen te vervallen. Stakingsverliezen van vaste inrichtingen blijven – net als bij deelnemingen – wel verrekenbaar.
Verplichte groepsrentebox
De aangekondigde verplichte groepsrentebox houdt in dat rente die wordt ontvangen van groepsvennootschappen, wordt belast tegen een effectief tarief van 5% en groepsrente die wordt betaald, aftrekbaar is tegen eveneens een effectief tarief van 5%. Deze verplichte groepsrentebox wordt alleen ingevoerd indien de belangen van buitenlandse investeerders voldoende kunnen worden gespaard. Vooralsnog ziet de staatssecretaris niet hoe hij dit kan realiseren. Mogelijk kan een fundamentele aanpassing van de vennootschapsbelasting, waarop de in september 2009 ingestelde Studiecommissie Belastingstelsel zich bezint, de huidige bezwaren tegen de groepsrentebox wegnemen. Het ziet er dus naar uit dat de staatssecretaris op dit moment de groepsrentebox niet zal opnemen in het wetsvoorstel.
Deelnemingsrente en ‘earnings stripping’-regeling
In zijn brief geeft de staatssecretaris aan dat hij geen aftrekbeperking voor deelnemingsrente zal voorstellen en ook niet het alternatief van een algemene ‘earnings stripping’-regeling. Dit heeft vooral te maken met ontwikkelingen in de Europese rechtspraak op het gebied van de fiscale eenheid (zie ons bericht van 24 november 2009). Vennootschappen kunnen de nadelen van de invoering van deze maatregelen ontlopen door een fiscale eenheid aan te gaan. Buitenlandse dochtermaatschappijen kunnen echter geen deel uitmaken van een fiscale eenheid (tenzij zij een Nederlandse vaste inrichting hebben), waardoor deze maatregelen mogelijk de Europeesrechtelijke toets niet kunnen doorstaan. Een aanpak die het Europeesrechtelijke risico wel zou kunnen wegnemen, vergt volgens de staatssecretaris een vergaande ingreep in de vennootschapsbelasting. Daarom heeft hij de Studiecommissie Belastingstelsel gevraagd om dit aspect ook mee te nemen.
De voorstellen in de brief van de staatssecretaris zullen nader worden uitgewerkt in een wetsvoorstel, dat naar verwachting in het voorjaar van 2010 aan de Tweede Kamer zal worden aangeboden.
Bron: Ministerie van Financiën, 5-12-2009, nr. DB/2009/674M en nieuwsbericht 5-12-2009.