Besluit ter voorkoming van dubbele belasting aangepast

26 april 2005



Volledig bericht

Het Besluit ter voorkoming van dubbele belasting  is aangepast. Het Besluit is in ieder geval voor u van belang als u in Nederland woont en inkomsten uit een land geniet waarmee Nederland geen belastingverdrag heeft afgesloten. Verder zijn er landen waarmee Nederland een belastingverdrag heeft afgesloten die voor de uitwerking van de wijze waarop dubbele belasting wordt voorkomen (vrijstellingsmethode) verwijzen naar dit Besluit. Ook voor inkomsten uit deze verdragslanden is het Besluit aldus van belang. De aanpassing van het Besluit was al in twee ministeriële besluiten van 28 februari 2003 en 25 oktober 2004 aangekondigd.
 
De belangrijkste reden voor de aanpassing is het arrest De Groot van het Europese Hof van Justitie (hierna: EG-Hof) van 12 december 2002. Het Hof oordeelde in dat arrest dat de Nederlandse methode van voorkoming van dubbele belasting niet verenigbaar is met het EG-recht. Reden hiervoor is dat deze methode onvoldoende rekening houdt met de persoonlijke en gezinssituatie van een werknemer die ook in een andere lidstaat werkt. In voorkomende gevallen zouden bepaalde aftrekposten zowel in Nederland als in de andere EU-lidstaat effectief niet tot een aftrek leiden. Daarop deed de Hoge Raad op 7 mei 2004 uitspraak met inachtneming van de aanwijzingen van het EG-Hof. De staatssecretaris van Financiën gaf in de twee besluiten aan in welke gevallen al uitvoering kon worden gegeven aan het arrest van het EG-Hof. In dit bericht belichten we enkele punten uit het aangepaste Besluit.

De aanpassingen van het Besluit hebben niet alleen betrekking op de inkomstenbelasting maar ook op de vennootschapsbelasting (giftenaftrek), het schenkings- en successierecht. Bij het heffen van successierecht en schenkingsrecht worden bepaalde vrijstellingen en aftrekken verleend die kunnen worden aangemerkt als persoonlijke fiscale tegemoetkomingen welke invloed hebben op de persoonlijke draagkracht of die van het gezin. Ook hierbij is de voorkoming zodanig aangepast dat niet een deel van deze tegemoetkomingen verloren gaat bij de voorkoming van dubbel recht van successie en schenking.
 
Daarnaast geldt de wijziging van het Besluit voor alle landen waaruit men inkomsten ontvangt. Een beperking van de aanpassingen van het Besluit tot de EU-lidstaten, Noorwegen IJsland en Liechtenstein en landen waarmee de EU een associatieverdrag heeft afgesloten op grond waarvan de beginselen van het vrije verkeer van gelijke toepassing zijn als binnen de EU, zou tot de gecompliceerde situatie leiden waarbij twee systemen naast elkaar zouden blijven bestaan. Dat vindt de staatssecretaris ongewenst.
 
In het aangepaste Besluit wordt voor de berekening van de voorkoming van dubbele belasting rekening gehouden met bepaalde persoonlijke fiscale tegemoetkomingen. Het zijn in beginsel dezelfde persoonlijke fiscale tegemoetkomingen zoals genoemd in het besluit van 25 oktober 2004 maar met de volgende twee verschillen.
1. De uitgaven voor kinderopvang, omdat deze uitgaven vanaf 2005 niet meer in de Wet op de inkomstenbelasting zijn opgenomen.
2. De uitzondering voor de zogeheten stakingslijfrente is vervallen. De staatssecretaris geeft aan dat in afwijking van het besluit van 25 oktober 2004 ook voor belastingjaren vóór aanpassing van het Besluit de premies voor lijfrenten wegens omzetting van de stakingswinst van een buitenlandse onderneming in mindering mag komen op het ‘noemerinkomen’ voor de verminderingsbreuk. Dit kan ertoe leiden dat Nederland in deze gevallen alsnog een grotere belastingvrijstelling zal verlenen. Wel moeten aan alle overige ve reisten van h et besluit van 28 februari 2003 zijn voldaan.
 
Verder zijn in het Besluit bepalingen opgenomen voor de vaststelling van een vaste-inrichtingswinst waarvoor voorkoming wordt verleend bij toepassing van de zogeheten thincap-regeling. Volgens de Wet op de vennootschapsbelasting wordt bij de winstbepaling de renteaftrek van leningen beperkt voor zover het te veel aan vreemd vermogen meer bedraagt dan € 500.000 (franchise). De franchise geldt ook bij de bepaling van de vaste-inrichtingswinst. Het Besluit bepaalt dat als sprake is van meerdere vaste inrichtingen de franchise niet per vaste inrichting geldt, maar voor alle vaste inrichtingen tezamen.
 
Het aangepaste Besluit is op 22 april 2005 in werking getreden. De diverse wijzigingen van het Besluit zijn op verschillende tijdstippen van toepassing. Zo werken de wijzigingen in verband met het arrest De Groot terug tot 1 januari 2005. Voor de jaren tussen de datum waarop het arrest van het EG-Hof is gewezen (12 december 2002) en 1 januari 2005 voorzien al de twee eerdergenoemde ministeriële besluiten. De bepalingen over de thincap-regeling werken terug tot 1 januari 2004.

Staatsblad 21-4-2005, nr, 2005-197


 
Contactinformatie
Redactie Belastingnieuws.nl
Tel:[31] 10 407 57 21
Gerelateerde trends & uitdagingen