Nieuwe werkkostenregeling vervangt regels voor vrije vergoedingen en verstrekkingen

3 november 2009

Samenvatting

Op Prinsjesdag hebben de minister en de staatssecretaris van Financiën verschillende fiscale wetsvoorstellen bekendgemaakt. In de Fiscale vereenvoudigingswet 2010 is de zogenoemde werkkostenregeling opgenomen: een voorstel dat de regels voor vrije vergoedingen en verstrekkingen ingrijpend zal veranderen. Deze werkkostenregeling zal voor de jaren 2011, 2012 en 2013 worden ingevoerd als een keuzeregime, naar aanleiding van een eind oktober 2009 voorgestelde wijziging van het wetsvoorstel. De beoogde verplichte ingangsdatum is 1 januari 2014. Hoewel toepassing van de werkkostenregeling de eerste drie jaar optioneel is, verdient het voorstel nu al de aandacht van werkgevers.

Volledig artikel

Op Prinsjesdag, 15 september 2009, hebben de minister en de staatssecretaris van Financiën verschillende wetsvoorstellen gepubliceerd. In de Fiscale vereenvoudigingswet 2010 is de zogenoemde werkkostenregeling opgenomen: een voorstel dat de regels voor vrije vergoedingen en verstrekkingen ingrijpend zal veranderen. Deze werkkostenregeling zal voor de jaren 2011, 2012 en 2013 worden ingevoerd als een keuzeregime, naar aanleiding van een eind oktober 2009 voorgestelde wijziging van het wetsvoorstel. De beoogde verplichte ingangsdatum is 1 januari 2014. Hoewel toepassing van de werkkostenregeling de eerste drie jaar optioneel is, verdient het voorstel nu al de aandacht van werkgevers.

De loonheffingen kennen een veelvoud aan regels voor de (on)belastbaarheid van specifieke vergoedingen en verstrekkingen, bijvoorbeeld voor vaste kostenvergoedingen, zakenlunches en telefonie. Als vereenvoudiging van deze regels wordt de werkkostenregeling voorgesteld. Deze regeling houdt in dat werkgevers op jaarbasis maximaal 1,4% van de totale fiscale loonsom voor onbelaste vergoedingen en verstrekkingen mogen gebruiken. Vergoedingen en verstrekkingen die de budgetruimte van 1,4% van de loonsom te boven gaan, worden belast met een eindheffing van 80% bij de werkgever, met uitzondering van een aantal 'gerichte' vrijstellingen.
 
In beginsel vallen alle vergoedingen en verstrekkingen onder de budgetruimte. Uitzondering hierop vormen onderstaande vergoedingen en verstrekkingen waarvoor een gerichte vrijstelling geldt. Dit betekent dat deze vergoedingen en verstrekkingen onbelast kunnen blijven zonder dat deze de budgetruimte van 1,4% van de loonsom beïnvloeden. Het betreft:

  • zakelijke reiskosten, inclusief woon-werkverkeer;
  • tijdelijke verblijfkosten in het kader van de dienstbetrekking;
  • kosten van cursussen, congressen, seminars, symposia, studiereizen en dergelijke, inclusief de reis en het verblijf, en kosten van een opleiding en studie, alsmede kosten van outplacement;
  • de 30%-vergoeding voor extraterritoriale kosten; en
  • de vergoeding van verhuiskosten in het kader van de dienstbetrekking.

Naast de gerichte vrijstellingen vallen de zogenoemde ‘intermediaire kosten’ buiten de regeling en kunnen onbelast worden vergoed. Dit zijn kosten die een werknemer betaalt, maar die voor rekening van de werkgever behoren te komen. Een exacte definitie van deze intermediaire kosten is (nog) niet voorgesteld. Verder zal voor een aantal vergoedingen en verstrekkingen een specifieke waardering gaan gelden.
 
De mogelijke eindheffing van 80% noodzaakt werkgevers tot het inzichtelijk maken van het huidige pakket aan vergoedingen en verstrekkingen om zodoende de feitelijke lasten onder de nieuwe regeling te kunnen overzien.
 
Deze werkkostenregeling zal voor de jaren 2011, 2012 en 2013 worden ingevoerd als een keuzeregime. Werkgevers mogen gedurende deze jaren kiezen tussen toepassing van ofwel het huidige regime voor onbelaste vergoedingen en verstrekkingen ofwel de nieuwe werkkostenregeling. Indien een werkgever kiest voor voortzetting van het huidige regime, zal wel vanaf 1 januari 2011 gelden dat per werknemer maximaal een bedrag van € 454 per jaar aan personeelsreizen, personeelsfestiviteiten en dergelijke incidentele voorzieningen kan worden besteed zonder dat loonheffingen zijn verschuldigd.
 
De beoogde verplichte ingangsdatum van de werkkostenregeling is 1 januari 2014. Alle afspraken met de belastingdienst over de fiscale behandeling van vergoedingen en verstrekkingen aan werknemers komen te vervallen op het moment dat de nieuwe werkkostenregeling van kracht wordt of op het eerdere moment waarop een werkgever kiest voor toepassing van de werkkostenregeling.
 
Bron: Wetsvoorstel Fiscale vereenvoudigingswet 2010 (nr. 32130), 15-9-2009, en tweede nota van wijziging (29-10-2009).