Samenvatting
De staatssecretaris van Financiën heeft eind oktober 2009 een beleidsbesluit uitgevaardigd. In dit besluit is aangegeven dat de herstelbetalingen die de komende jaren zijn verschuldigd aan het pensioenfonds, onder voorwaarden door middel van een voorziening ineens fiscaal aftrekbaar kunnen worden gemaakt. De voorwaarden die in het besluit zijn opgenomen, zijn echter eerder beperkend ten opzichte van de wet en de rechtspraak dan begunstigend.
Volledig artikelEind 2008 was de dekkingsgraad van pensioenfondsen gedaald tot gemiddeld 94%. Pensioenfondsen moesten daarom voor 1 april 2009 een zogenoemd herstelplan indienen bij De Nederlandsche Bank. Daarin moesten zij maatregelen aankondigen om binnen vijf jaar weer een dekkingsgraad van circa 105% te bereiken en binnen vijftien jaar een dekkingsgraad van circa 125%. Deze maatregelen kunnen bestaan uit het voorlopig niet meer verhogen (indexeren) van de pensioenen, een premieverhoging of extra stortingen door de werkgever. Deze extra stortingen van de werkgever zijn fiscaal aftrekbaar in het jaar van betaling (zie ook ons bericht van 27 januari 2009).
Onder voorwaarden is het op basis van de wet en de rechtspraak echter mogelijk om de toekomstig verschuldigde betalingen door middel van een voorziening ineens ten laste van het fiscale resultaat te brengen, bijvoorbeeld per 31 december 2008. De staatssecretaris van Financiën was van mening dat voor deze voorziening een goedkeurend beleidsbesluit nodig is en heeft dat besluit eind oktober 2009 uitgevaardigd. In het beleidsbesluit is kortgezegd het volgende bepaald:
Wij delen de wetsuitleg van de staatssecretaris niet. De goedkeuring van de staatssecretaris is niet nodig om zo'n voorziening te vormen (bijvoorbeeld per 31 december 2008). Bovendien is het op basis van de wet en de rechtspraak zelfs goed mogelijk om een hogere voorziening te vormen. In verband met de verruimde verliesverrekeningsmogelijkheden (zie ons bericht van 15 september 2009) kan het vormen van een voorziening overigens meer voordelen bieden dan slechts een rentevoordeel. Wellicht kunnen namelijk winsten van vorige jaren alsnog worden verrekend met verliezen die (deels) ontstaan als gevolg van het vormen van zo'n voorziening. Wel is vereist dat onder andere onderzoek wordt gedaan naar de relatie tussen de herstelbetalingen en enerzijds het herstel van de dekkingsgraad van het pensioenfonds en anderzijds de verplichting tot het doen van herstelbetalingen, die op de balansdatum aanwezig is. Dit onderzoek is echter ook nodig indien wél van het besluit wordt gebruikgemaakt.
Bron: Ministerie van Financiën, 26-10-2009, nr. CPP2009/1227M.